Nieuwsbericht

Schriftelijke vragen: parkeerbeleid

Di 28 Nov 2006 - H. van den Bergh

De PvdA Utrecht heeft een duidelijke keuze gemaakt in het parkeerbeleid: meer ruimte voor de voetganger, fiets en het openbaar vervoer en minder auto’s in de binnenstad. Verhoging van de parkeertarieven is een van de maatregelen die uit deze keuze voortvloeit. Om deze maatregel te laten werken moet handhaving gegarandeerd worden. Van bewoners komen er echter klachten over deze handhaving, reden voor fractievoorzitter Frauke van Iperen en woordvoerder Bert van der Roest om vragen te stellen aan het college.

In 2004 is afgesproken dat parkeerbeheer vanaf 1 januari 2008 onder de gemeente gaat vallen in plaats van onder de politie. Met deze overgang zijn ook bezuinigingsafspraken gemaakt. Door een efficiencyslag te maken, onder andere door het verlengen van de productieve uren voor parkeerwachten, beter informatie wat probleemlocaties zijn en gebruik te maken van ervaringscijfers, zijn deze afspraken nagekomen en is er EUR 600.000,00 bezuinigd.
 
Wij ontvangen echter signalen dat burgers het idee hebben dat er door de bezuinigingen minder gehandhaafd wordt dan voorheen. Voor een deel kan dit liggen aan de afname van de zichtbaarheid van de parkeerwachten doordat ze niet meer op vaste tijden door de straten lopen, maar het kan ook zo zijn dat handhaving daadwerkelijk achteruit gegaan is.
 
Volgens parkeerbeheer gaat de doorgevoerde bezuiniging niet ten koste van de handhaving. In plaats van 3 keer per dag een vaste route lopen, zoals eerder het geval was, wordt er meer gewerkt met mobiele teams. Naast structurele teams, die in elk geval 1 keer per dag overal aanwezig zijn, zijn mobiele teams ingezet die willekeurig optreden op die plekken waar dat het meest urgent is. De urgentie wordt onder andere afgemeten aan de inkomsten van parkeermeters, naheffingsaanslagen en andere ervaringscijfers.
 
Door de bezuinigingen en het overgaan van de parkeerwachten per 1 januari 2008 is er onrust ontstaan onder de huidige parkeerwachten. Hierdoor zit het aantal parkeerwachten nu niet op de gewenste 55 fte maar op 45 fte. Van het parkeerbedrijf is vernomen dat geprobeerd wordt dit gat te vullen, maar dat het aannemen van  goed personeel op  korte termijn lastig te realiseren is, gezien de komende veranderingen.
 
Dit brengt de PvdA tot de volgende vragen:
1. Heeft de bezuiniging op parkeerbeheer van EUR 600.000,00  in de afgelopen twee jaar alleen geleid tot meer efficiency of is de handhaving door deze bezuinigingen achteruit gegaan?
Voor een goede beantwoording van deze vraag is het van belang uit te leggen wat onder parkeerhandhaving wordt verstaan.
De gemeente is verantwoordelijk voor de handhaving van betaald parkeren (op basis van de parkeerbelastingverordening). Wanneer voor het parkeren van een voertuig niet betaald is, wordt een naheffingsaanslag opgelegd. Daarnaast is de Regiopolitie verantwoordelijk voor de handhaving op het foutparkeren (Wet Mulderbonnen). In de praktijk voert de Parkeerpolitie beide soorten handhaving uit. De gemeente betaalt alle kosten van de gehele integrale parkeerhandhaving en daarmee alle kosten die de parkeerpolitie maakt. De inkomsten van de Wet Mulderbonnen vloeien echter niet naar de gemeentekas maar naar de Rijkskas.
De bezuinigingstaakstelling is opgelegd in 2004. Om deze besparing vanaf 2005 structureel te kunnen realiseren heeft de afdeling Parkeren van de Regiopolitie op verzoek van de gemeente structurele wijzigingen doorgevoerd in de werkplannen. Daarbij is enerzijds een efficiencyslag in
de handhaving binnen fiscaal gebied gemaakt, waarbij de productiviteit van de parkeercontroleurs vergroot is (per werkdag lopen zij meer uren feitelijk op straat) en daarnaast is het aantal controlerondes aangepast aan het handhavingsgebied.
Anderzijds zijn naast efficiencymaatregelen ook de doelstellingen van de parkeerhandhaving aangepast. De laatste 2 jaar is in werkafspraken met de Politie geregeld dat het grootste deel van de beschikbare capaciteit van de de parkeercontroleurs ingezet wordt voor integrale handhaving in het betaald parkeren gebied, waarbij prioriteit ligt bij het uitschrijven van (fiscale)
naheffingsaanslagen. Daarnaast wordt de parkeerpolitie niet meer ingezet voor allerlei andere handhavingstaken buiten gefiscaliseerd gebied (zoals bijvoorbeeld toezicht bij sportwedstrijden, toezicht in winkelcentra etc.).
De kwaliteit van de integrale parkeerhandhaving binnen het gefiscaliseerde gebied blijft wel geborgd door de vereiste betalingsgraad van minimaal 85 %. In dit percentage zijn de Wet Mulderfeiten meeberekend (een fout geparkeerd voertuig wordt namelijk geteld als geparkeerd, maar niet betaald voertuig). De betalingsgraad wordt maandelijks gemeten door een onafhankelijk accountantskantoor.
De cijfers voor november gaven een gemiddeld percentage van 88%. Dat betekent dat de kwaliteit van de handhaving, zowel op betaald parkeren als op een juist parkeergedrag,
voldoende is.

2. Is de gewijzigde werkwijze effectief?
De voorlopige resultaten van deze nieuwe werkwijze zien er positief uit. Om een betalingsgraad van 85% te kunnen blijven garanderen, gaan we uit van een benodigde bezetting van 55 fte in 2007. Daardoor wordt een verdere verlaging van de structurele kosten voor het handhaven
gerealiseerd. De effectiviteit binnen het gefiscaliseerde gebied wordt geborgd door uit te gaan van een ondergrens van de betalingsgraad van 85% en vooralsnog geven de metingen aan dat deze ondergrens wordt gehaald.

3. Is het college zich bewust van het tekort aan parkeerwachten en ziet zij een oplossing dit op zeer korte termijn weer op peil te brengen? Zo ja, op welke termijn kan dit gegarandeerd worden?
Ja, wij zijn ons hiervan bewust. Naar aanleiding van het besluit in april 2006 om de parkeerhandhaving onder te brengen bij de gemeentelijke organisatie, hebben wij rekening gehouden met een terugloop van het aantal medewerkers bij de Parkeerpolitie. Momenteel ligt de
uitstroom bij de parkeerpolitie zelfs boven de prognose.
Vacatures die ontstaan kunnen als gevolg van de overgang naar de gemeentelijke organisatie per 1 januari 2008 niet meer binnen de politie organisatie worden ingevuld. Wij zijn daarom bezig om versneld parkeercontroleurs te werven. Het nieuwe personeel zal niet meer bij de Regiopolitie
worden ondergebracht. Wij hebben ervoor gekozen om de nieuwe medewerkers tegen gemeentelijke arbeidsvoorwaarden op basis van een pay-roll contract te detacheren bij de politie. Lopende het convenant met de Regiopolitie worden de pay-roll medewerkers gefinancierd binnen het in het convenant overeengekomen budgettaire kader.

4. Wordt er bij de inzet van parkeerwachten ook rekening gehouden met de wijzigende parkeertarieven en parkeertijden per 1 januari 2007?
Ja. Voor het jaar 2007 denken wij, rekening houdend met effecten van tariefstijging en venstertijden-uitbreiding, dat een aantal van 55 fte voldoende zal zijn. Voor de daaropvolgende jaren zal de groei van het aantal gefiscaliseerde parkeerplaatsen leiden tot een stijging van het aantal fte met behoud van de bereikte efficiency en de vereiste betalingsgraad van minimaal 85%.
5. Zo ja, wat betekenen de wijzigingen per 1 januari 2007 voor de inzet op handhaving?
Zie antwoord vraag 4.