Nieuws
- Inventarisatie verkeersknelpunten gemaakt: nu aan de slag!
- Doe mee met Diederik
- Sportverenigingen onaangenaam verrast door verhoging WOZ
- Verkeerslichten terug op Neude
- Voorzieningen Uithof onvoldoende
- PvdA: 'Utrecht moet instemmen met nieuwe CAO gemeenten'
- PvdA: 'Groenwegterrein kan eindelijk worden ontwikkeld'
- Huisuitzettingen voorkomen: goed voor mens en stad!
- PvdA: Terugdraaien bezuiniging moet ook ten goede van Utrechts OV komen
Nieuwsbrief
Nieuwsbericht
Utrechtse Tweede Kamer leden
Ma 22 Jan 2007 - H. van den BerghUtrecht is goed vertegenwoordigd in de Tweede Kamer.
Staf Depla houdt zich bezig met:
- Wonen en woningnood
- Bouwfraude
- AOW, vergrijzing en pensioen
- Pensioenfraude
- Integriteitvraagstukken
- Wet Eigen Woningbezit
-
Lid Vaste Kamercommissie Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening & Milieu
-
Lid Vaste Kamercommissie Werkwijze
Meer informatie op http://www.stafdepla.nl/
Hans Spekman zet zich in als/ voor:
-
1e woordvoerder vreemdelingen en asielbeleid
-
Wet werk en bijstand
-
Armoedebestrijding, schuldhulpverlening, langdurende en lage uitkeringen
-
Fraudebestrijding sociale zekerheid (in samenwerking met Heerts)
-
Lid Vaste Kamercommissie Sociale Zaken & Werkgelegenheid
-
Lid Vaste Kamercommissie Integratie
-
Werkgroepje "Hart in de Partij"
Elke twee weken verschijnt zijn column Plein 2 in het Stadsblad. Ook op deze plek kunt u van zijn Haagse belevenissen meegenieten.
Woensdag 9 mei - Nederland niet ‘af’
Het is een periode van twee weken zonder officiële vergaderingen in de Tweede Kamer. Er zijn feestdagen. Koninginnedag, Bevrijdingsdag en voor mij 1 mei, de Dag van de Arbeid. En er is de dag om stil te staan, de Dodenherdenking. De week voor deze dagen leeft het idee bij een deel van de Kamer dat Nederland ‘af’ moet. Er worden extra veel vragen gesteld en debatjes aangevraagd. Sommige debatten zijn zeer zinnig, zoals die over de openstelling van de grenzen voor Poolse werknemers. Van andere debatten zie ik de zin niet zo. Het is in ieder geval niet gelukt Nederland af te krijgen…
Net voor Koninginnedag heeft het kabinet ook een besluit genomen over het generaal pardon. Het einde van een lange periode van onzekerheid is voor deze groep asielzoekers in zicht, gelukkig. Tijdens de vergaderloze periode gaat een deel van de Kamerleden met vakantie, zoals een groot gedeelte van de Nederlanders dat tegenwoordig doet. Niet langer of korter. Het verbaast me altijd wel. Ik ben nog opgegroeid met één keer per jaar op vakantie en omdat mijn nest warm maar arm was pas vanaf mijn twaalfde jaar. Misschien ben ik gewoon hopeloos ouderwets. Een deel van de Kamerleden werkt gewoon door maar iets rustiger aan. Er is meer tijd voor werkbezoeken. Maar ik had ook eindelijk tijd de deur te schilderen en een lampje op te hangen. Hoewel dat lampje ophangen eigenlijk meer een kwestie is van tijd maken.
Voor een PvdA-kamerlid is 1 mei eigenlijk verplichte kost. Ik voel dat niet zo. In de ochtend ben ik bij de viering in het Huis aan de Vecht geweest. In de avond in Steenwijkerwold. Ik ga vanaf jongs af aan naar de 1 mei viering. Een dag die voor mij staat voor solidariteit en de wil om vooruit te komen maar die ondertussen ook een persoonlijke kleur heeft door het lied ‘Morgenrood’ waar ik drie familieleden op heb weggedragen.
Vandaag ga ik naar het Nibud om te praten over armoede, want armoede is niet relatief maar wordt gevoeld. Dag in, dag uit.
Net voor Koninginnedag heeft het kabinet ook een besluit genomen over het generaal pardon. Het einde van een lange periode van onzekerheid is voor deze groep asielzoekers in zicht, gelukkig. Tijdens de vergaderloze periode gaat een deel van de Kamerleden met vakantie, zoals een groot gedeelte van de Nederlanders dat tegenwoordig doet. Niet langer of korter. Het verbaast me altijd wel. Ik ben nog opgegroeid met één keer per jaar op vakantie en omdat mijn nest warm maar arm was pas vanaf mijn twaalfde jaar. Misschien ben ik gewoon hopeloos ouderwets. Een deel van de Kamerleden werkt gewoon door maar iets rustiger aan. Er is meer tijd voor werkbezoeken. Maar ik had ook eindelijk tijd de deur te schilderen en een lampje op te hangen. Hoewel dat lampje ophangen eigenlijk meer een kwestie is van tijd maken.
Voor een PvdA-kamerlid is 1 mei eigenlijk verplichte kost. Ik voel dat niet zo. In de ochtend ben ik bij de viering in het Huis aan de Vecht geweest. In de avond in Steenwijkerwold. Ik ga vanaf jongs af aan naar de 1 mei viering. Een dag die voor mij staat voor solidariteit en de wil om vooruit te komen maar die ondertussen ook een persoonlijke kleur heeft door het lied ‘Morgenrood’ waar ik drie familieleden op heb weggedragen.
Vandaag ga ik naar het Nibud om te praten over armoede, want armoede is niet relatief maar wordt gevoeld. Dag in, dag uit.
Woensdag 25 april - Plein 2.11
Afgelopen zaterdag was het rommelmarkt in Ondiep. Ouderwets gezellig. Nederlandse muziek galmde door de straten. Veel kinderen in de rij, wachtend op hun beurt voor de kermisattractie. Geen reltoeristen, wel koopjesjagers. Ik dacht terug aan de rellen en de reacties. Ik ga ergens over als Tweede-Kamerlid maar niet overal over. Dat is maar goed ook. De meeste dingen gaan beter als niet te veel mensen zich er mee bemoeien, zeker de politiek niet. Iedereen kan zich hier wel wat bij voorstellen. Vaak is het zo dat ik er wel over ga als volksvertegenwoordiger maar geen woordvoerder ben namens de fractie. Dat is soms best lastig maar onvermijdelijk in een grote fractie. De afgelopen maanden kwam dit regelmatig voor. Ik werd al voor de verkiezingen benaderd door vaders die vader willen blijven, ook na scheiding. Ook werd ik benaderd door moeders die willen dat hun ex zijn alimentatie betaalt.
Onderwerpen waar ik geen woordvoerder van ben, maar waarvan ik vind dat de vaders en moeders die me aanspraken, gelijk hebben. Via een fractiegenoot die wel woordvoerder is, stel ik het dan aan de kaart. In Ondiep ging ik ook nergens over, maar het ging me aan het hart. Allereerst de dood van Rini Mulder maar ook het feit dat Ondiep stuk werd geschreven, werd weggezet als een wijk met asocialen. Op zo’n moment maakt het me niks uit of ik ergens over ga. Ik maak dan gebruik van mijn positie om ook media aandacht te vragen voor de andere kant van Ondiep. En gelukkig zijn er ook altijd journalisten die de andere kant willen laten zien. Als ik ergens iets van vind dan ga ik er achteraan. Ik zal proberen mensen, waar dat kan, te helpen. Dat vind ik mijn taak als volksvertegenwoordiger. Of ik er nu over ga of niet. Mijn dochters waren zeer tevreden met hun koopjes. Volgend jaar ga ik weer naar de rommelmarkt in Ondiep. Ik hoop dat dan de mensen die er over gaan of er over berichten er ook zijn.
Afgelopen zaterdag was het rommelmarkt in Ondiep. Ouderwets gezellig. Nederlandse muziek galmde door de straten. Veel kinderen in de rij, wachtend op hun beurt voor de kermisattractie. Geen reltoeristen, wel koopjesjagers. Ik dacht terug aan de rellen en de reacties. Ik ga ergens over als Tweede-Kamerlid maar niet overal over. Dat is maar goed ook. De meeste dingen gaan beter als niet te veel mensen zich er mee bemoeien, zeker de politiek niet. Iedereen kan zich hier wel wat bij voorstellen. Vaak is het zo dat ik er wel over ga als volksvertegenwoordiger maar geen woordvoerder ben namens de fractie. Dat is soms best lastig maar onvermijdelijk in een grote fractie. De afgelopen maanden kwam dit regelmatig voor. Ik werd al voor de verkiezingen benaderd door vaders die vader willen blijven, ook na scheiding. Ook werd ik benaderd door moeders die willen dat hun ex zijn alimentatie betaalt.
Onderwerpen waar ik geen woordvoerder van ben, maar waarvan ik vind dat de vaders en moeders die me aanspraken, gelijk hebben. Via een fractiegenoot die wel woordvoerder is, stel ik het dan aan de kaart. In Ondiep ging ik ook nergens over, maar het ging me aan het hart. Allereerst de dood van Rini Mulder maar ook het feit dat Ondiep stuk werd geschreven, werd weggezet als een wijk met asocialen. Op zo’n moment maakt het me niks uit of ik ergens over ga. Ik maak dan gebruik van mijn positie om ook media aandacht te vragen voor de andere kant van Ondiep. En gelukkig zijn er ook altijd journalisten die de andere kant willen laten zien. Als ik ergens iets van vind dan ga ik er achteraan. Ik zal proberen mensen, waar dat kan, te helpen. Dat vind ik mijn taak als volksvertegenwoordiger. Of ik er nu over ga of niet. Mijn dochters waren zeer tevreden met hun koopjes. Volgend jaar ga ik weer naar de rommelmarkt in Ondiep. Ik hoop dat dan de mensen die er over gaan of er over berichten er ook zijn.
Woensdag 11 april Het Praathuis
Mijn dochters noemen het Tweede-Kamergebouw: “het praathuis”. Het stadhuis noemden ze ook zo. In hun ogen doe ik nog hetzelfde; praten. Alleen dan ergens anders. Mijn zoontje van één kan nog niet praten. Hij zwaait alleen als ik de deur uit ga. Het praatcircus in Den Haag is op stoom gekomen. Ik ben namens de PvdA-fractie woordvoerder: armoede, asiel, bijstandswet, schuldhulpverlening en fraude. Mijn dochters hebben gelijk. Mijn werk is praten. De afgelopen twee weken had ik Tweede Kamer-vergaderingen over schuldhulpverlening, asiel, fraude en nog een keer asiel. Ter voorbereiding van een vergadering ga ik op werkbezoek, bel ik mensen op, overleg met medewerkers en praat met partijgenoten en de woordvoerders van andere fracties. Als je iets wilt veranderen, moet je van de hoed en de rand weten.
In de vergaderingen van de afgelopen week is het gelukt veranderingen te bewerkstelligen. Bijvoorbeeld: de dagelijkse stempelplicht voor kinderen van asielzoekers wordt veranderd in een wekelijkse stempelplicht. De kinderen kunnen nu gewoon naar school in plaats van dat ze moeten gaan stempelen. Een ander voorbeeld is dat boetes voor bedrijven die mensen met reclames misleiden waardoor mensen in schulden komen, omhoog gaan. Het zijn geen grote veranderingen maar ze zijn wel van groot belang voor mensen die het betreft.
Praten roept ook reacties op. Reacties van mensen die bij de vergadering aanwezig waren. Ik herken regelmatig Utrechters in de zaal. Reacties van mensen die iets hebben gelezen in de krant of hebben gehoord op radio of tv. Soms zijn het ideeën die je verder helpen met de verandering. Zoals een Utrechter die me mailde en me wil helpen bedrijven aan te pakken die klanten financieel misleiden. Soms boze reacties of gewoon een vraag om hulp. De reacties leiden van praten naar doen. Bellen, mailen en gewoon helpen. Misschien is mijn werk wel pratend doen. Nu is het nog zaak mijn dochters te overtuigen van het feit dat praten en doen samen kunnen gaan. Gezien de tafelrituelen is dit nog niet gelukt: praten is geen eten. We zitten meestal heel lang aan tafel.
Mijn dochters noemen het Tweede-Kamergebouw: “het praathuis”. Het stadhuis noemden ze ook zo. In hun ogen doe ik nog hetzelfde; praten. Alleen dan ergens anders. Mijn zoontje van één kan nog niet praten. Hij zwaait alleen als ik de deur uit ga. Het praatcircus in Den Haag is op stoom gekomen. Ik ben namens de PvdA-fractie woordvoerder: armoede, asiel, bijstandswet, schuldhulpverlening en fraude. Mijn dochters hebben gelijk. Mijn werk is praten. De afgelopen twee weken had ik Tweede Kamer-vergaderingen over schuldhulpverlening, asiel, fraude en nog een keer asiel. Ter voorbereiding van een vergadering ga ik op werkbezoek, bel ik mensen op, overleg met medewerkers en praat met partijgenoten en de woordvoerders van andere fracties. Als je iets wilt veranderen, moet je van de hoed en de rand weten.
In de vergaderingen van de afgelopen week is het gelukt veranderingen te bewerkstelligen. Bijvoorbeeld: de dagelijkse stempelplicht voor kinderen van asielzoekers wordt veranderd in een wekelijkse stempelplicht. De kinderen kunnen nu gewoon naar school in plaats van dat ze moeten gaan stempelen. Een ander voorbeeld is dat boetes voor bedrijven die mensen met reclames misleiden waardoor mensen in schulden komen, omhoog gaan. Het zijn geen grote veranderingen maar ze zijn wel van groot belang voor mensen die het betreft.
Praten roept ook reacties op. Reacties van mensen die bij de vergadering aanwezig waren. Ik herken regelmatig Utrechters in de zaal. Reacties van mensen die iets hebben gelezen in de krant of hebben gehoord op radio of tv. Soms zijn het ideeën die je verder helpen met de verandering. Zoals een Utrechter die me mailde en me wil helpen bedrijven aan te pakken die klanten financieel misleiden. Soms boze reacties of gewoon een vraag om hulp. De reacties leiden van praten naar doen. Bellen, mailen en gewoon helpen. Misschien is mijn werk wel pratend doen. Nu is het nog zaak mijn dochters te overtuigen van het feit dat praten en doen samen kunnen gaan. Gezien de tafelrituelen is dit nog niet gelukt: praten is geen eten. We zitten meestal heel lang aan tafel.
Woensdag 28 maart
Voetbal is een geweldige sport, al zou je dat met de wedstrijd Nederland Roemenië van afgelopen zaterdag in het achterhoofd niet zeggen. Gelukkig had ik zaterdag ook zelf gevoetbald en heb ik ook de wedstrijd van de FC tegen Vitesse nog vers in het hoofd. Voetbal geeft plezier. Het is leuk om te doen en leuk om naar te kijken. Soms wordt het vergald door een klein groepje hooligans. Eén van mijn voornemens was het maken van een voetbalwet. Als wethouder kon ik dat niet, nu ik Kamerlid ben kan ik dat wel. Een voetbalwet moet er voor zorgen dat de kwade supporters worden gestraft. Voor de kwade supporters komt een meldplicht. De goede supporters kunnen dan met plezier en gemak naar het voetbal. Uit en thuis. In mijn optimisme had ik gedacht dat in vier maanden tijd een mening wel omgezet kon worden in een wet. Ik moet zeggen: het valt niet mee. Ik maak de wet samen met Halbe Zijlstra (VVD) en Joop Atsma (CDA). Onderling komen we er wel uit. Vanaf december tot nu hebben we gesproken met tal van individuen en organisaties. Met de KNVB hebben we gewerkt aan een wettekst. De tekst waarvan de KNVB de eerste schrijver is en waaraan wij hebben meegewerkt, is af. We hebben de tekst laten bekijken door een aantal juristen die voor de voetbalwet is. De tekst is af, maar niet goed genoeg. We krijgen veel technische opmerkingen en de wet is niet verleidelijk genoeg voor rechters. Nooit bij stilgestaan dat wetten rechters moeten verleiden. De wet moet wel goed zijn. De mensen die een voetbalwet de laatste vijftien jaar hebben tegengehouden, staan anders vooraan met hun commentaar. Niet om een betere wet te krijgen, maar om hem af te schieten en alles te houden bij hoe het nu is. Halbe, Joop en ik gaan nu aan de slag met wetgevingsjuristen van het ministerie. De wet komt er. Oranje zal ook weer aantrekkelijk gaan spelen en mijn team eindigt niet als laatste. Zo komt alles goed.
14 maart
Bericht in het nieuws: ‘Familiedrama in Hengelo. Vrouw en twee jonge kinderen zijn dood. De man en vermoedelijke dader ligt in het ziekenhuis. Door torenhoge schulden zag de man geen andere uitweg.’ Een gruwelijk bericht, diep triest. Het bericht raakte me nog meer omdat ik de afgelopen weken een mailwisseling heb gehad met een man uit het oosten van het land die ook diep in de schulden zat. Hij gaf aan eerder zichzelf dood te maken dan hulp te zoeken bij een gemeentelijke kredietbank. Hij heeft drie kinderen. In de gemeentelijke kredietbank van zijn gemeente had hij geen vertrouwen. Hij heeft 40.000 euro schuld. Dat valt niet weg te poetsen. Ik kon hem en zijn vrouw en kinderen niet helpen. Ik voelde een machteloosheid. Als Tweede-Kamerlid kan je veel, maar lang niet alles. Dit zijn de momenten dat ik het wethouderschap mis. Iemand in de ogen kijken, proberen te overtuigen om toch hulp te aanvaarden. Als niet voor zich zelf dan voor zijn kinderen. Via mail en telefoon zijn dit soort persoonlijke zaken niet te doen. Maar als Utrechtse wethouder had ik ook niets kunnen doen voor een gezin in het oosten van het land. Ik had ook niet kunnen doen wat ik nu wel kan. Een politieke meerderheid organiseren die er voor zorgt dat: mensen afhankelijk van een uitkering of laag inkomen rond kunnen komen, vaste lasten niet te snel stijgen, kredietverstrekkers aangepakt worden en mensen toch vooral ook niet laten vergeten dat je een dubbeltje pas kan uitgeven als je hem hebt verdiend. Schuld maakt levens kapot. Soms zelfs letterlijk. Dat is vreselijk en niet iets om ons bij neer te leggen. De overheid maar ook individuen moeten de verantwoordelijkheid nemen. Vooral voor de kinderen en familie want zelfs als iemand zelf stom is, de kinderen kunnen er niets aan doen en verdienen een goed leven.
28 februari Lange adem
Wie stelt het eerst de vraag. Wie het eerst komt, het eerst maalt. Als er één verschil is tussen de landelijke en de lokale politiek dan is het de hijgerigheid. Er zijn veel kamerleden en veel ministers en staatssecretarissen. Te veel vind ik. Maar er zijn ook tweehonderdvijftig parlementair journalisten. De journalisten willen nieuws. Of moeten nieuws maken van de hoofdredacteur. De politici willen in het nieuws. Of moeten in het nieuws om de volgende keer herkozen te worden. Pers en politiek lopen constant om elkaar heen en kletsen wat af. Er is ook een besloten café naast het Tweede Kamer-gebouw. Je moet lid worden en tekenen voor geheimhouding. Niets van wat daar binnen wordt besproken, mag naar buiten. Er lopen vooral veel journalisten, politici en lobbyisten rond. De drank is normaal geprijsd. Er mag gerookt worden en de bezoekers zijn ook niet onaardig. Toch zal het mijn stamkroeg niet worden.
Waarschijnlijk speelt mee dat ik toch niet echt een drankje kan nemen, want ik ga nog steeds vaker met de auto dan met de trein. Vooral wordt het mijn stamkroeg niet omdat het wel erg op de kleine binnenwereld gericht is. Het versterkt de hijgerigheid. Hijgerigheid leidt tot politiek van de korte adem, van de waan van de dag. Volgens mij is die politiek van de korte adem iedereen een gruwel, of vergis ik mij? Je verandert er niets mee.
Afgelopen vrijdag mocht ik, voor de uitzending van vanavond, met het tv-programma Netwerk door mijn eigen wijk Zuilen lopen. Over het wij gevoel en de verbetering van de wijk. Ik begon de rondleiding bij het monument van Zuilen. ‘Als gemeente opgeheven als gemeenschap gebleven.’ Een gemeenschap bestaat niet zomaar. Ik vind dat Zuilen de laatste tien jaar echt vooruit is gegaan maar dat we er ook nog lang niet zijn. Als de overheid vanaf nu de inzet zou laten sloffen dan zijn we snel terug bij af. Want wie steekt dan nog zijn nek uit als bewoner? Echte veranderingen vragen een lange adem en maak je met elkaar. Zuilen is het bewijs!
Wie stelt het eerst de vraag. Wie het eerst komt, het eerst maalt. Als er één verschil is tussen de landelijke en de lokale politiek dan is het de hijgerigheid. Er zijn veel kamerleden en veel ministers en staatssecretarissen. Te veel vind ik. Maar er zijn ook tweehonderdvijftig parlementair journalisten. De journalisten willen nieuws. Of moeten nieuws maken van de hoofdredacteur. De politici willen in het nieuws. Of moeten in het nieuws om de volgende keer herkozen te worden. Pers en politiek lopen constant om elkaar heen en kletsen wat af. Er is ook een besloten café naast het Tweede Kamer-gebouw. Je moet lid worden en tekenen voor geheimhouding. Niets van wat daar binnen wordt besproken, mag naar buiten. Er lopen vooral veel journalisten, politici en lobbyisten rond. De drank is normaal geprijsd. Er mag gerookt worden en de bezoekers zijn ook niet onaardig. Toch zal het mijn stamkroeg niet worden.
Waarschijnlijk speelt mee dat ik toch niet echt een drankje kan nemen, want ik ga nog steeds vaker met de auto dan met de trein. Vooral wordt het mijn stamkroeg niet omdat het wel erg op de kleine binnenwereld gericht is. Het versterkt de hijgerigheid. Hijgerigheid leidt tot politiek van de korte adem, van de waan van de dag. Volgens mij is die politiek van de korte adem iedereen een gruwel, of vergis ik mij? Je verandert er niets mee.
Afgelopen vrijdag mocht ik, voor de uitzending van vanavond, met het tv-programma Netwerk door mijn eigen wijk Zuilen lopen. Over het wij gevoel en de verbetering van de wijk. Ik begon de rondleiding bij het monument van Zuilen. ‘Als gemeente opgeheven als gemeenschap gebleven.’ Een gemeenschap bestaat niet zomaar. Ik vind dat Zuilen de laatste tien jaar echt vooruit is gegaan maar dat we er ook nog lang niet zijn. Als de overheid vanaf nu de inzet zou laten sloffen dan zijn we snel terug bij af. Want wie steekt dan nog zijn nek uit als bewoner? Echte veranderingen vragen een lange adem en maak je met elkaar. Zuilen is het bewijs!
14 februari
Terug in het stadhuis. Het college van burgemeester en wethouders heeft de Utrechtse Tweede-Kamerleden uitgenodigd. Er zijn 8 kamerleden aanwezig waaronder Paulus Jansen (SP) en Halbe Zijlstra (VVD). Het Utrechts stadhuis blijft heerlijk vertrouwd vooral door de mensen die er werken. Annie Brouwer houdt een pleidooi voor de stadswachten. Stadswachten moeten boetes kunnen uitdelen. Als gemeenten die mogen innen, kan er meer werk worden gemaakt van de aanpak van asociaal gedrag. De wens van Annie Brouwer is opgenomen in het regeerakkoord. Want ja, het regeerakkoord is een feit. Iedereen moet zelf beoordelen of het een goed akkoord is of niet. Ik wil in deze column niemand een mening in de mond leggen. Voor mij is het belangrijkste of ik mezelf en de mensen die op mij rekenen verloochen met instemming. Mijn antwoord is dat ik dat niet doe. Onderwerpen die ik echt belangrijk vind zoals de aanpak van de armoede, het matigen van huurverhogingen, fors investeren in veiligheid en het generaal pardon staan er goed in. Er zijn ook dingen afgesproken waar ik het niet mee eens ben zoals het onderzoek naar Irak en de afspraak over de rookvrije horeca in 2011. Helemaal je zin krijgen kan natuurlijk niet. Hopelijk kan ik in de toekomst nog wel ergens een sigaret roken. Vandaag 14 februari verantwoorden mijn fractiegenoot Staf Depla en ik het resultaat in de Kargadoor. Met mijn werk in de tweede kamer ben ik toch nog best vaak in Utrecht. Op dinsdag, woensdag en donderdag moeten we meestal in Den Haag zijn. Er kunnen altijd stemmingen zijn en ik wil niet dat door mijn afwezigheid de uitslag anders is. Op de andere dagen kunnen we het land in en wat is er dan mis met een bezoek ergens in Utrecht? Ook op mijn werkbezoek van afgelopen vrijdag is Utrecht dichtbij. In Stadskanaal ontmoet ik een jongerenwerker die een tijd in de betonbuurt heeft gewoond en sportte bij “the Gym”. Ik was deze sportschool bijna vergeten. We halen herinneringen op en bedenken dat Zuilen nu zo’n plek mist. De volgende keer op het stadhuis zal ik het zeggen.
31 januari
Stormbericht. Ik stap in de auto op weg naar Den Haag. Mijn verwachting is dat de treinen niet rijden. We wonen tegen het spoor aan en zien vaak dat bij afwijkend weer de treinen niet langskomen. Buiten mag het dan stormen, in politiek Den Haag is het uiterlijk windstil.
Er is nog geen nieuw kabinet. De onderhandelingen zijn in volle gang. Radiostilte vanuit de kabinetsformatie. Begrotingsdebatten met ministers die stoppen en geen nieuwe dingen meer in gang zetten. Het is een gekke tussentijd. Natuurlijk draait het vergadercircus gewoon door. Van Morning afterpil tot stemmachines en drugssmokkel Schiphol. Alles komt aan bod. Niet allemaal onbelangrijk, soms wel oninteressant. Waar velen druk mee zijn, is met de politieke posities na de formatie. Een beetje kinderachtig allemaal. Iedereen verzint zo z’n eigen verhaal waarom het niet aan haar of zijn partij ligt dat die niet meedoet. Een kritische blik op zich zelf tref ik er niet bij aan, maar misschien gelooft u het en mis ik iets. Naast het gedoe om de politieke posities en de reguliere vergaderingen is er natuurlijk het gewone handwerk. Ik krijg dagelijks vele mailtjes en telefoontjes van mensen uit Utrecht en de rest van Nederland. Eigenlijk gaat het overal over. Mensen met prive problemen probeer ik te helpen. Of het nu een asielzoeker is die tegen de bureaucratische muur aanloopt of de boer die failliet dreigt te gaan door de verplichte afdracht aan een productschap. Soms schuilen achter de prive problemen zaken die velen aangaan en in Den Haag verandert moeten worden. Dat zet ik in gang en vraagt een langere adem. Op de stormdag rij ik met vier gestrande treinreizigers zonder vertraging naar huis. Mijn Pergola ligt om.
17 januari 2007 Kracht vinden
Donderdag 4 januari: de wereld op zijn kop. Mijn zus Baradina is dood. Hartstilstand en weg. De dood maakt alles relatief. Het werk stopt. Samen met mijn zus Anneke, haar man en mijn vrouw staan we stil, zijn we stuk en moeten we regelen. Van kistkeus tot de muziek. Het is het laatste wat je voor iemand die je lief hebt kunt doen. Een mooie begrafenis. Het verdriet komt bij vlagen. Na de begrafenis het gat. Na mijn ma en pa en mijn zus Barbara is nu ook Baradina dood. Anneke en ik zijn nog over. We voelen dat. Het wordt eenzaam. Baradina woonde nog in ons geboortehuis. Ook het huis moeten we leeghalen. Gelukkig hebben we daar een paar maanden voor. We laten alles langs onze handen gaan. Het huis is doordesemd van herinnering. Sommige dingen kun je bewaren andere verdwijnen voorgoed. Het geluid van de zoldertrap, de geur in de kasten, de grote Es in de achtertuin. Baradina is begraven in een rooie kist en weggedragen met het strijdlied Morgenrood. We komen uit een rood nest en dat mag iedereen weten. Tot het laatst is Baradina nog strijdbaar geweest voor anderen. In haar kop was ze sterk maar haar lichaam was op. Dit is ook Plein 2. Het overkomt iedereen.
Velen van jullie zullen ook dierbaren kwijt zijn en het verlies voelen. Het is lastig weer de draad op te pakken. Er is niet één manier om met verdriet om te gaan. Ik ben weer begonnen. Eerst met de mensen die me gemaild en gebeld hebben. Voor mij heeft het even stilgestaan, voor de meeste mensen niet. En die mensen hebben recht op antwoord. Ook de in vergelijking met dood kleine problemen kunnen groot zijn. Baradina wist dat en heeft tot het laatst mensen geholpen. Ik ben van plan hetzelfde te doen. Als ik de kracht vind.
3-1-2007
Het is reces. Een soort vergaderloze tijd die de één besteedt aan vakantie en de ander aan werkbezoeken. Ik doe het allebei zoals de meeste kamerleden. Tussen Kerst en Oud en Nieuw ben ik met vrouw en drie kinderen een week naar Texel geweest. Heerlijk met z’n allen uitwaaien aan het strand.
Het is reces. Een soort vergaderloze tijd die de één besteedt aan vakantie en de ander aan werkbezoeken. Ik doe het allebei zoals de meeste kamerleden. Tussen Kerst en Oud en Nieuw ben ik met vrouw en drie kinderen een week naar Texel geweest. Heerlijk met z’n allen uitwaaien aan het strand.
Het enige gemis aan Utrecht is het ontbreken van de zee. Maar wij hebben dan weer de Maarsseveense plassen.
Ook tijdens de vakantie is niemand blind. Texel is een prachtig eiland, maar de toename van smakeloze villaparkjes maken het eiland lelijker en leveren bij mij de bijgedachte op dat het voor mensen die in Texel zijn geboren niet makkelijk zal zijn er te blijven wonen. De huizen zijn allemaal peperduur en worden vooral als tweede huis opgekocht door rijke westerlingen.
Betaalbaar wonen is in heel Nederland een groot probleem. De komende kabinetsperiode moet daar echt iets aan gedaan worden. Partijgenoot en plaatsgenoot Staf Depla heeft daar keihard aan gewerkt, maar in de Tweede Kamer de afgelopen periode nog niet de handen ervoor op elkaar gekregen. Nu is er sprake van een nieuwe Tweede Kamer. Er is dus ook een nieuwe kans. Een kans die we niet mogen laten lopen.
We hebben wel de steun van gemeentes nodig. Gemeentes moeten niet blind gaan voor de hoogste grondprijs. We moeten er geld voor over hebben dat mensen die dat willen ook in de stad of het dorp kunnen blijven wonen waar ze zijn opgegroeid. Mensen moeten ook niet steeds afhankelijker worden gemaakt van een woontoeslag die steeds minder wordt.
Bij thuiskomst was mijn eerste daad het ophalen van mijn vuurwerk bij de Snuffeldump op de Straatweg. Een kinderlijk geluksgevoel als ik het in handen krijg. Op Oudejaarsnacht is het pestweer, maar veel buren trotseren de regen en we genieten van het vuurwerk. Gelukkig nieuwjaar. Nu weer aan de slag.
13-12-2006
Een week van wachten. Wachten op een besluit over het stoppen van uitzettingen. Wachten op het kabinet na de motie van afkeuring. Gelukkig kan ik tijdens het wachten goed werken.
De spanning in de tweede kamer was voelbaar tijdens het wachten. Veel kamerleden maakten zich natuurlijk en terecht zenuwachtig over de inhoud. Worden mensen die mogelijk onder een generaal pardon vallen in de tussentijd uitgezet of niet? Maar er was meer spanning. De spanning van je onderdeel voelen van een moment waarop geschiedenis wordt geschreven. Veel mensen waren er ook druk mee de uitkomst te beïnvloeden. Er waren wel meer mensen druk mee dan dat er mensen zijn die er invloed op hadden. Het doet iets raars al die aandacht in zo’n gebouw je gaat je bijna belangrijker voelen dan je bent.
De wandelgangen zijn tijdens het wachten druk bezet. Veel vriendschappelijke maar zakelijke gesprekken. Het is deze weken begrotingsbehandeling dus steun verwerven voor mijn ideeën voor verandering is noodzakelijk. Verschil kun je maken maar niet alleen. Je hebt bondgenoten nodig. Ik ben begonnen met het maken van een voetbalwet met als doel de kwaden straffen en de goeden laten genieten van het voetbal. Ik doe dat niet alleen. Halbe Zijlstra (VVD) en Joop Atsma (CDA) doen mee. De eerste dag met gesprekken hebben we gehad. We hebben met onder andere de supportersvereniging van FC Utrecht gesproken. Tijdens het wachten wordt ook veel gemaild en gebeld. Het gonst van de geruchten. Het kabinet is er uit. Toch niet blijkt om tien uur ’s avonds. Het is nog even afwachten. De rookkamer is vol met rokende politici. De rookruimte is tot nu toe de plek waar het er het meest ongedwongen aan toe gaat. Een paar uur later is het zover. De mensen mogen blijven en het kabinet ook. Een goede uitkomst vind ik. De kunst van het werk is ook wachten op het goede moment. Beter lang gewacht dan een slecht besluit. Soms is tijd nodig om de knop in het hoofd om te zetten. Nu is het afwachten of het CDA dit ook in de formatie kan.
6-12-2006
Den Haag, prive kom ik er vooral op doorreis naar Scheveningen. Als wethouder bezocht ik het binnenhof voor de Utrechtse zaak. Nu heb ik mijn eerste dag als lid van de tweede kamer achter de rug. Ik werk nu in Den Haag, nog wel voor de Utrechtse zaak.
Mijn eerste dag is ook de eerste keer dat ik met de trein naar Den Haag ga. Een goed voornemen vind ik zelf. De sneltrein rijdt achter een stoptrein aan en dat haalt de vaart er uit, maar ik kom aan. Vanaf het centraal station is het een korte wandeling naar het binnenhof. Het gebouw van de tweede kamer is van de buitenkant mooi maar binnen vind ik het vreselijk. Ooit ontworpen met het idee van toegankelijkheid. Mensen moesten door het gebouw heen kunnen lopen. Beveiliging heeft het gebouw veranderd in een bunker. Ieder contact met de man of vrouw van de straat is uitgesloten.
De eerste dag is een beetje gekke dag. Er moet gewoon gewerkt worden maar er heerst ook een feestelijke stemming. Voor veel tweede kamerleden zijn er familieleden die de beëdiging bijwonen. Echt tijd om te feesten is er niet. Er volgt een klein debatje over de profielschets van de nieuwe tweede kamer voorzitter. Een debatje van niks over een onderwerp van nog minder, vind ik het. Daarna volgt het spoeddebat over het “generaal pardon”. Een regeling die schoon schip maakt met het verleden. Het gaat over de “26.000 gezichten”; bijvoorbeeld over de Utrechtse Raymond. Hij is elf jaar, hier geboren en getogen. Hij zit hier op school, voetbalt bij RUC, heeft hier zijn vrienden. Kunnen we hem sturen naar een land dat hij niet kent met gebruiken die hij niet snapt en een taal die hij niet spreekt. Er wordt een motie ingediend voor het generaal pardon die door een meerderheid wordt ondersteund. We zullen zien hoe het afloopt.
Later loop ik met Paulus Jansen (SP) naar de trein. Geen treinverkeer naar Utrecht. Ik bel een fractiegenoot die met de auto is. Halbe Zijlstra (VVD) rijdt ook met hem mee. Leve de auto dacht ik.
